terug

Koning Willem III-kazerne

Koning Willem III Kazerne

Frankenlaan 47 Apeldoorn

In 1937 biedt de Apeldoornse burgemeester Quarles van Ufford de minister van Binnenlandse Zaken gratis een stuk van het Orderbos aan om een kazerne te bouwen. Voorwaarde is wel dat Apeldoornse aannemers het werk uitvoeren. Op 21 mei 1938 wordt de eerste schop in de grond gestoken voor de bouw van een hypermodern legeringscomplex.
Opvallend aan het ontwerp is de ligging van de gebouwen als paviljoens aan een plein. Dat is een breuk met het verleden, toen legeringsgebouwen meestal achter elkaar werden gebouwd. De bouw duurt maar een jaar en in april 1939 wordt de Koning Willem III kazerne in gebruik genomen door het 1e Regiment Huzaren Motorrijders en het 2e Regiment Wielrijders. De in gebruikname wordt gevierd met een grote parade op de Loolaan, op de kop af een jaar voor de Duitse inval. Apeldoorn is een garnizoensstad geworden.
In de meidagen van 1940 speelt de kazerne nauwelijks een rol: de huzaren motorrijders en de wielrijders worden elders voor de verdediging van het land ingezet.
In 1940 neemt de Duitse bezetter het complex over. Er is niet veel bekend over het Duitse gebruik; er zijn aanwijzingen dat er Luftwaffe-eenheden worden ondergebracht.

De kazerne als gevangenis duikt eigenlijk pas in diverse publicaties en boeken op in het jaar 1944. Omdat in 1943/1944 het verzet in de vorm van aanslagen, overvallen, enz. toeneemt, neemt ook de aanhouding van verzetslieden, onderduikers, etc. door de Duitsers toe. Mede doordat de SD steeds 'efficiënter' ging opereren werden steeds meer verzetslieden, helpers en onderduikers opgepakt. De Koning Willem III beschikte als zwaar bewaakte kazerne over een behoorlijk groot cellencomplex. Met acht cellen van 1, 25 m x 3, 50 m (waar soms wel 10 mensen in werden ingesloten), vier cellen van 4, 25 m x 2, 50 m, gangen die ook met traliedeuren werden afgesloten en daardoor soms ook als cel dienden, had de Sicherheits Dienst met hun 'Einsatzkommando' in Apeldoorn een grote gevangenis ter beschikking. Toen in 1944 de cellen op de begane grond overvol zaten, besloten de Duitsers om de eerste verdieping te gaan gebruiken als vrouwengevangenis. Daar waren drie (kantoor)ruimten van ongeveer 10 m x 5 m en een grotere kamer van ongeveer 17 m x 7 m aan de voorkant. De ramen werden voorzien van tralies en werden geblindeerd. Op de grote kamer stonden op een gegeven moment 45 (stapel)bedden voor 54 vrouwen. Wie geen bed had sliep op de grond.
De Duitsers hebben in de oorlog schuilkelders op het kazerneterrein gebouwd en in de omgeving bomen gekapt om schootsveld te creëren. Kennelijk waren ze bang voor geallieerde bommen en acties van het verzet.

Tijdens en na de Slag om Arnhem worden er in Apeldoorn zo'n 1800 gewonde Britse en Poolse krijgsgevangenen ondergebracht. Legeringsgebouwen op de kazerne doen dienst als 'Airborne hospital'. Ook in het Juliana- (dat in de oorlog zo niet mocht heten) en het Sint Liduïnaziekenhuis en het Duitse 'Lazarett' in Paleis Het Loo worden gewonde soldaten verpleegd. Er is in de maanden september en oktober 1944 een enorme inspanning geleverd op het gebied van geneeskundige zorg: niet alleen voor geallieerde militairen, maar ook voor de duizenden evacués uit Arnhem. Juiste aantallen zijn niet te geven: patiëntenregistratie was op z'n best onvolledig te noemen. Eind oktober 1944 zijn de meeste Britten in krijgsgevangenschap afgevoerd naar Duitsland; een klein aantal weet met hulp van het verzet te ontsnappen.

Op 28 november 1944 voeren de verzetsmensen Samuel Esmeijer en Frank van Bijnen een verkenning uit voor een bevrijdingsactie voor in de kazerne opgesloten kopstukken uit het verzet. Ze worden betrapt en beiden verliezen het leven. Om een eventuele bevrijdingsactie voor te blijven executeren de Duitsers de gevangenen, w.o. de Amerikaanse vlieger Bill F. Moore, op 2 december 1944. De zwerfkeien aan de Sportlaan, schuin tegenover de hoofdingang van de kazerne, herinneren aan deze wandaad.
Na de bevrijding gebruiken de Canadezen de kazerne voor hun soldaten. De Nederlanders richten er een interneringskamp in voor politieke gevangenen, Nederlanders die 'fout' zijn geweest in de oorlog. De omstandigheden in dat kamp zijn mensonterend en er wordt gemarteld, een beschamende herinnering.

Eind 1945 komt de eerste lichting dienstplichtige marechaussees op om te worden opgeleid op het Depot Koninklijke Marechaussee op de Koning Willem III- kazerne. (zie ook Van Haeftenkazerne) Sinds 1948 worden daar ook beroepsmilitairen voor dat wapen opgeleid. Door de opschorting van de dienstplicht in 1996 komt een einde aan de opleiding van dienstplichtigen.

In 1952 wordt de staf van het 1e Legerkorps op de kazerne ondergebracht in twee nieuwe gebouwen aan de kant van de Berghuizerweg. De naam 'Frank van Bijnenkazerne' voor deze gebouwen wordt door ZKH Prins Bernhard, samen met de weduwe van Frank van Bijnen, officieel onthuld op 31 augustus 1985. In de hal van één van de gebouwen wordt een plaquette aangebracht die herinnert aan het moedige optreden van Frank van Bijnen. Samuel Esmeijer wordt geëerd door zijn naam aan die van de Politieacademie te verbinden.

Als het legerkorps in 1995 is opgeheven, maakt de staf van de 1e Divisie '7 December' gebruik van de Frank van Bijnenkazerne. Nu is de staf van het Operationeel Ondersteuningscommando KL daar ondergebracht. Dit commando vertrekt naar Nieuw-Milligen en dan wordt het Landelijk Opleidings- en Kenniscentrum van de Koninklijke Marechaussee de enige gebruiker van de Koning Willem III-kazerne. Bij de renovatie en herontwikkeling van de kazerne (klaar in 2014) worden de gebouwen uit 1938 in hun oude luister hersteld, verrijst er moderne, milieuvriendelijke en energiezuinige bebouwing en verdwijnt de naam Frank van Bijnenkazerne. Het is nog onduidelijk hoe de herinnering aan Frank van Bijnen levend zal worden gehouden.

Jelle Reitsma, met dank aan Jan Heerze en Fred Klijndijk

Info ReactiesAfbeeldingenObjecten 360 (1) 360 (2) Meer Streetview