terug

Kruidenierswinkel H. Rattink

Kruidenierswinkel H. Rattink

Hoek Julianalaan - Hogeweg

Na een korte loopbaan als kleermaker in zijn geboorteplaats Hellendoorn belandde Henk Rattink (1895-1970) in het kruideniersvak bij zijn zwager in Almelo. Na een paar jaar ging hij werken bij De Coöperatie aan de Stationsstraat te Apeldoorn, terwijl zijn vrouw Mientje in Almelo bleef waar ze na hun huwelijk in 1916 woonden. Mientje Saris (1900-1984), geboren in Loon op Zand, was omstreeks 1915 met haar ouders en broer vanuit Cuijk naar Almelo gekomen. Haar vader was rijksveldwachter en werd nogal eens overgeplaatst. Door de week verbleef Henk bij zijn zuster en zwager in Twello. Zaterdagsavonds hees hij zich in het goeie pak om naar zijn vrouw en dochtertje Jo in Almelo te fietsen. Zondagsavonds stapte hij weer op de fiets voor de reis naar Twello om maandagmorgen weer bij De Coöperatie te beginnen.

Onder de vlag van De Coöperatie begonnen Henk en Mientje eind 1917 een kruidenierswinkeltje aan de Talingweg in Apeldoorn-Zuid, minimalistisch aangegeven met de wijkaanduiding D7. Blijkens het bevolkingsregister heeft winkelier Henk Rattink zich op 17 november 1917, komend vanuit Voorst, waar Twello onder valt, aan de Talingweg gevestigd. Mientje en hun dochter waren een paar dagen eerder uit Almelo overgekomen. Begin januari 1919 werd aan de Talingweg het tweede kind geboren, Wim. Een nichtje van Mientje, Riek Endendijk uit Diepenveen, heeft het gezin Rattink in die jaren daar bijgestaan.

Julianalaan

De familie Rattink verhuisde in september 1920 van de Talingweg naar de Julianalaan 48 in de wijk Het Loo in Apeldoorn. Daar konden Henk en Mientje met de hulp van een bevriende geldschieter een wat grotere kruidenierswinkel gaan bestieren.

De winkel werd voornamelijk gerund door Mientje, op wier schouders na het vertrek van Riek nu ook de opvoeding van de beide kinderen kwam te rusten. Henk deed de inkoop, bezocht grossiers, haalde de kruideniersboekjes op bij klanten, bereidde bestellingen voor en ging met paard en wagen op pad om de boodschappen te bezorgen. In latere jaren kwam daar een motorbakfiets voor in de plaats. Voor kortere afstanden maakte hij gebruik van een transportfiets met een grote rieten mand voor op de drager. 

Assortiment

Het assortiment was vanzelfsprekend een stuk overzichtelijker dan tegenwoordig. Koffie, thee, cacao, kristalsuiker, witte en bruine basterdsuiker, zeep, soda, margarine, peulvruchten als kapucijners en bruine bonen waren belangrijke producten. Zout zat in een houten kist en kostte vijf cent per pond. Azijn werd met een maatbeker uit een vaatje getapt. Klanten namen zelf een fles of een kan mee. De goedkoopste olie die verkocht werd, was raapolie, die vooral voor lampen gebruikt werd. Slaolie was er om in te bakken. Lucifers zaten in een pak van tien doosjes. Ze werden meestal per doosje verkocht à raison van twee cent. Kaas ging per stukje, maar vaak ook moest die met de hand in plakjes worden gesneden. Onder de toonbank stond een vat met groene zeep. Met een schep werden er moppen uit geschept die op de weegschaal werden afgewogen.

Bijna alles werd los verkocht, moest worden afgewogen en in zakjes worden gedaan. Suiker werd in een paar standaardmaten vaak vooraf al afgewogen en verpakt. Die zakjes hingen, in diverse afmetingen, aan een soort wiel dat rondgedraaid kon worden. Leverancier van de zakjes was Mennink, die ook aan de Julianalaan woonde. Bij hem op zolder hingen honderden zakken te drogen. Mennink kon met recht een zakjesplakker genoemd worden.

Als een van de weinige producten werd thee voorverpakt verkocht. Koffiebonen werden afgewogen en eventueel met de handmaalmachine gemalen. Veel producten zaten in bakken: rijst, vermicelli, griesmeel, suiker, krenten, rozijnen. Snoep werd in potten bewaard. Boerenjongens (rozijnen op brandewijn) en boerenmeisjes (abrikozen op brandewijn) werden per pot verkocht. In een rek stonden diverse soorten koekjes.

Slavenbestaan

Rookwaren waren er ook. Sigaren werden vaak per stuk verkocht: twee cent. Gansenkolk van de naastgelegen Hogeweg kwam wel vier, vijf keer per week een sigaar halen. Sigaretten stonden in een glazen kastje op de toonbank. Pruimtabak was ook een gewild artikel. 'Vaatje' van den Brink kwam vaak tijdens etenstijd in de winkel waar dochter Jo, tussen de middag uit school, bijsprong. Mientje had dan even de gelegenheid wat aan het eten te doen. 'Dag meissie, paksien BeeZette!' was de wijze waarop Van den Brink haar begroette en meteen zijn bestelling deed. BZK was een bekend merk pruimtabak.

Omdat er in de meeste huishoudens op petroleumstellen gekookt werd, was het niet zo gek dat een kruidenier ook petroleum verkocht. Het vat met de pomp stond in de schuur, maar heeft in de begintijd ook nog onder de toonbank in de winkel gestaan.

De winkel was door de week 's avonds tot 8 uur open, zaterdags zelfs tot 10 uur. Vaak kwam er na achten nog klandizie voor 'juffrouw Rattink', zoals er ook op zondag nog wel werd aangeklopt voor een boodschap. Iedereen werd geholpen, op welke dag en hoe laat dan ook. Tussen de middag was de winkel evenmin gesloten. En van een vrije middag had nog nooit iemand gehoord. Als dan 's avonds eindelijk het slot op de deur ging, was je er nog niet. De winkel en de stoep moesten gedweild worden, de kaasmessen schoongemaakt en de kokosmat die in de winkel lag, moest worden uitgeklopt. Bij de schuur werd een stang in twee dragers gestoken, waar de mat overheen gehangen werd. Daarna kon de mattenklopper zijn werk doen. En dan had je het vaak nog niet gehad. Een vrouw uit de buurt presteerde het wekelijks om na 10 uur, als ze eindelijk klaar waren met het werk, 'nog even een boodschap' te halen. Ze bleven beleefd en hielpen haar, want elke cent was welkom. Een slavenbestaan, dat mag je zeggen.

Reclame

Al in het begin van de jaren twintig is het exterieur van de winkel van diverse reclameuitingen voorzien. Een foto uit die tijd toont reclameborden met namen als Maggi, Van Nelle's thee, Van Nelle's koffie, Van Nelle's tabak, Planta, Niemeijer's tabak, Amstel bieren en Purol. Purol is een huidzalf op vaselinebasis ter verzachting en bescherming. Een aantal borden is helaas niet goed leesbaar. Op een foto uit de jaren dertig zijn onder meer de namen Kahrel's thee, Van Nelle's koffie, Erdal en Ster pruim te zien.

De rijdende winkelier

Behalve op lokale klanten dreef de winkel voor een groot deel op de cliëntèle in de buitengebieden van Apeldoorn. 's Maandags ging Henk met paard en wagen via de Wieselseweg naar de Hooge Duvel. De hond, Fokkie, ging altijd mee. Het dier liep onder de wagen en blafte in de Veluwse bossen de wilde zwijnen weg die vaak heel dichtbij kwamen. Op de Hooge Duvel woonde Spek, de jachtopziener, die ook klant was. De Hooge Duvel is een in 1901 op instigatie van prins Hendrik gebouwde dubbele, gespiegelde jachtopzienerswoning midden in het kroondomein. Henk ging daar altijd koffie drinken. De buurman, Pluim, was boswachter en ook klant van Rattink.

Na de koffie bij Spek ging het door naar Elspeet, waar hij ook een paar klanten had. Een van hen was een postbode voor wie elke week een fles jenever meegebracht moest worden. Ze mochten in het dorp niet weten dat de borrel hem goed smaakte, vandaar de omweg via de kruidenier uit Apeldoorn. Sterke drank werd er in het winkeltje aan de Julianalaan niet verkocht. Voor die fles ging Henk naar café Beeltje aan de Soerenseweg, op de hoek met de Koning Lodewijklaan.

Na de paard-en-wagenperiode deed gemotoriseerd vervoer zijn intrede, er kwam een zogenaamde motorcarrier. Er is een ontheffing van Gedeputeerde Staten van Gelderland uit 1934 bewaard gebleven, geldend voor de 'bestuurder van het driewielige Sparta-transportmotorrijtuig, M 43234, zoolang dit nummer staat ten name van H. Rattink, te Apeldoorn,' voor de maandagen op de voor alle op meer dan 2 wielen rijdende motorrijtuigen verboden Elspeterweg.

Op dinsdag voerde zijn route naar Beemte-Broekland en Wenum-Wiesel. Enige namen van klanten die overgeleverd zijn: Dalhuizen in Wiesel, Marten Oorspronk in de Beemte, Schuilenklopper aan de Oude Zwolseweg, Langenbach in Wenum-Wiesel. Helaas zijn geen klantenbestanden bewaard gebleven, zodat Rattinks totale afzetgebied niet meer valt vast te stellen.

Op vrijdagen werden meestal de Apeldoornse klanten bediend bij wie vooraf het bestelboekje was opgehaald ('kruideniersboekje') waarin de bestellingen werden opgegeven. Op zondag moest er ook gewerkt worden: het klaarmaken en het letterlijk afwegen van de bestellingen voor de eerstkomende dagen. Met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kwam daar nog het plakken van distributiebonnen bij, een karwei dat Henk ook 's zondags verrichtte. Moesten er eerst alleen nog bonnen voor suiker worden ingeleverd, in januari 1940 kwamen daar de erwten bij. Er zouden nog vele andere producten volgen. Vaak zat hij hele zondagmorgens voedselbonnen te plakken die ingeleverd moesten worden bij het distributiekantoor aan de Stationsstraat, de lokale vestiging van de autoriteit die door middel van een bonnensysteem de rantsoenering van levensmiddelen en andere schaarse goederen organiseerde.

Jo en Wim Rattink

Dochter Jo Rattink was in januari 1939 naar Amsterdam verhuisd, waar ze als 'meisje alleen' in betrekking ging bij een vrijgezelle dame. Eind 1940 kwam ze min of meer noodgedwongen terug naar Apeldoorn om haar ouders bij te staan nadat hun zoon en haar broer Wim als dienstplichtig soldaat bij een van de eerste luchtaanvallen van de Duitsers op 10 mei 1940 in de omgeving van Den Haag was gesneuveld. In de loop van 1941 ging ze werken in het gezin van de luitenant-kolonel van het voormalige 1e Regiment huzaren-motorrijder en verzetsman Teding van Berkhout aan het Wilhelminapark, later in het Woldhuis in Apeldoorn. Nadat haar vader een paar keer door de Duitsers was opgepakt, zegde ze haar baan op om halverwege 1944 thuis in de huishouding en de winkel bij te springen. Tot haar taken hoorden ook het ophalen van de kruideniersboekjes en de aanvulling van winkelvoorraden.

Na de oorlog

Na de oorlog hebben de Rattinks de al die jaren vrijwel onveranderde winkel nog een jaar of tien in stand gehouden, waarna ze het welletjes vonden. Het pand werd in 1956 verkocht aan Appelboom, een olieleverancier en petroleumboer. Het klantenbestand, de voorraden en een deel van het interieur werden overgenomen door Jan Klein Nulent, die zijn kruideniersbedrijf begon aan de Loolaan, hoek Heuvellaan. Mientje en Henk Rattink verhuisden naar een kleine, vrijstaande woning aan de Kleine Vossenweg in het landelijke gebied 'over de spoorlijn' in het zuidoosten van Apeldoorn. Het was zo ongeveer de grens van de toenmalige bewoonde wereld. Erachter lagen weilanden met boerderijen, doorkruist door sloten en inmiddels ook verdwenen zandwegen als de Hermelijnweg en Mollenweg. Achter het huis lag een grote lap grond waar groenten verbouwd werden en waar een aantal kippenschuren met grote rennen verrezen. De daaruit voortvloeiende eierhandel leverde nog een paar centen op. Aan de voorkant keken ze uit op een weilandje met koeien en de Willem van Huutweg.

Vandaag de dag bestaat de Kleine Vossenweg als straatnaam niet meer. Die heet nu Ketelboetershoek en is onderdeel van de Matenhoek in de wijk De Maten. Er zijn vooral bedrijven gevestigd. De Willem van Huutweg is getransformeerd tot Ovenbouwershoek, een straat in de binnenstad heeft de naam Van Huut overgenomen. Het oude huis van de Rattinks staat er nog, zij het dat het aanzienlijk veranderd en uitgebreid is. Er is een handelsonderneming gevestigd. Weilanden en sloten zijn er niet meer te bekennen.

Nawoord

Eind jaren zestig verhuisde het echtpaar Rattink naar een 'aanleunwoning', een woord dat toen nog niet bestond, die achter het huis van hun dochter en schoonzoon aan de Herderweg werd gebouwd. Henk heeft er niet lang van kunnen genieten. Hij overleed eind februari 1970 op 74-jarige leeftijd. Zijn weduwe heeft er nog ruim veertien jaar gewoond voor ze in 1984 in Casa Bonita overleed, bijna 84 jaar oud.

Henk en Mientje Rattink waren mijn grootouders. Hun dochter Jo trouwde in 1946 met banketbakker Aart Bierman. Zij werden de ouders van drie kinderen, van wie ik de oudste ben. De fraaie, rode koffiemaalmachine uit de winkel heb ik nog jaren in huis gehad.

Willem Bierman

Info Reacties Streetview